Bezwaar tegen WOZ-waarde? Driekwart overweegt het

De WOZ-beschikking valt bij veel huiseigenaren dit jaar opnieuw op de mat met een hoger bedrag dan vorig jaar. Dat zorgt voor de nodige reuring. Uit recent nieuws blijkt dat ongeveer driekwart van de huiseigenaren overweegt om bezwaar te maken tegen de vastgestelde WOZ-waarde wanneer die fors is gestegen. Wanneer is die twijfel terecht en hoe teken je bezwaar aan?

Een hogere WOZ-waarde klinkt misschien prettig als je denkt aan de waarde van je huis, maar in de praktijk betekent het vooral dat je meer gaat betalen. Gemeentelijke belastingen zoals de onroerendezaakbelasting zijn direct gekoppeld aan de WOZ-waarde. Ook andere heffingen, zoals die van het waterschap en het eigenwoningforfait in de inkomstenbelasting, bewegen mee. Een te hoge inschatting kan daardoor ieder jaar opnieuw geld kosten.

Wanneer twijfelen aan WOZ-waarde?
De WOZ-waarde moet een redelijke inschatting zijn van wat jouw woning op de markt waard is op de peildatum. Maar omdat gemeenten niet elke woning ter plaatse kunnen bekijken en vooral vergelijken met prijzen van actuele verkopen, worden er soms onnauwkeurige of verouderde gegevens aangehouden. Denk aan dingen als:

Eerst zelf controleren loont
Voordat je bezwaar maakt, is het verstandig om eerst te bekijken hoe de WOZ-waarde tot stand is gekomen. Bij de meeste gemeenten kun je online het taxatieverslag inzien. Daarin staat welke woningen als vergelijking zijn gebruikt en welke kenmerken van jouw woning zijn meegenomen. Door dat verslag door te nemen, zie je vaak al snel of er iets niet klopt of twijfelachtig is.

Daarnaast kun je de WOZ-waarde van andere woningen in je straat of wijk bekijken via openbare registers. Als vergelijkbare huizen duidelijk lager zijn gewaardeerd, kan dat een goed aanknopingspunt zijn voor bezwaar. Gaat het verschil maar om een klein bedrag, dan is de kans kleiner dat bezwaar veel oplevert. Bij grotere afwijkingen kan het juist wel zinvol zijn.

Zo werkt bezwaar maken in de praktijk
Als je besluit bezwaar te maken, is timing belangrijk. Je hebt hiervoor zes weken vanaf de datum op de WOZ-beschikking. Wacht je langer, dan wordt het bezwaar in principe niet meer behandeld. Bezwaar indienen kan meestal eenvoudig online via de website van je gemeente, vaak met DigiD. Schriftelijk per post mag ook.

In je bezwaar geef je aan waarom je het niet eens bent met de vastgestelde waarde. Dat hoeft geen juridisch verhaal te zijn. Het is voldoende om duidelijk uit te leggen wat volgens jou niet klopt, bijvoorbeeld omdat je woning is vergeleken met huizen die groter zijn of in betere staat verkeren. Maak je onderbouwing zo concreet mogelijk.

Wat gebeurt er na het bezwaar?
Na het indienen van je bezwaar bekijkt de gemeente de zaak opnieuw. Soms volgt er een telefoontje of wordt extra informatie opgevraagd. Uiteindelijk ontvang je een beslissing. Als de gemeente het met je eens is, wordt de WOZ-waarde aangepast en worden de belastingen opnieuw berekend.

Wordt je bezwaar afgewezen en blijf je ervan overtuigd dat de waarde niet klopt, dan kun je nog naar de rechter stappen. Dat is een vervolgstap die meer tijd kost en over het algemeen ook kosten met zich meebrengt. Het risico is groot dat dit meer kost dan oplevert.

Reken jezelf niet te snel rijk. Dat de WOZ-waarde stijgt, is op zich niet verwonderlijk na de stijging van de woningprijzen in het afgelopen jaar. Los daarvan kan het geen kwaad om te bekijken waar de waarde op gebaseerd is. Misschien stuit je daarbij toch op zaken die reden zijn voor bezwaar.

Vakantie afgeblazen door politieke onrust? Zo zien verzekeraars dit?

Wie begin januari een reis naar Curaçao, Aruba of Sint-Maarten geboekt had, kon een nare verrassing verwachten. Geen vluchten vanwege de instabiele toestand rond Venezuela. Op dit moment is reizen naar het Midden-Oosten lastig. Wat als je al vliegtickets, hotels en misschien een huurauto hebt vastgelegd? Of wat als de situatie op je bestemming ineens grimmig wordt? De vraag is in hoeverre dit onder de dekking van je verzekering valt.

Het korte antwoord is dat dit soms onder dekking valt, maar lang niet altijd. Bij politieke onrust ligt de dekking namelijk ingewikkelder dan bij bijvoorbeeld ziekte of een ongeval.

Dekking annuleringsverzekering
Een annuleringsverzekering is bedoeld voor persoonlijke tegenslagen die je niet kon voorzien. Word je ernstig ziek, overlijdt een naaste of moet je onverwacht geopereerd worden, dan kun je de reis vaak annuleren en krijg je (een groot deel van) de kosten vergoed. Dit soort redenen staan meestal duidelijk in de voorwaarden genoemd.

Politieke gebeurtenissen vallen daar meestal niet automatisch onder. Oorlog, onrust of een instabiele situatie in een land worden door verzekeraars vaak gezien als een algemeen risico, niet als iets dat specifiek met jou als reiziger te maken heeft. Daarom zijn deze oorzaken in veel standaardpolissen uitgesloten.

Het moment waarop je boekt is bepalend
Een belangrijk onderscheid is het moment waarop je je reis en je verzekering afsluit. Was er al sprake van spanningen, waarschuwingen of een negatief reisadvies toen je de verzekering afsloot? Dan is de kans groot dat de verzekeraar dit ziet als een bekend risico. In dat geval krijg je meestal geen vergoeding als je later besluit te annuleren.

Wordt de situatie pas na het afsluiten van je verzekering ernstig? Bijvoorbeeld doordat het reisadvies ineens verslechtert of vluchten worden stilgelegd? Dan kan er soms wel dekking zijn, maar alleen als jouw polis daar expliciet ruimte voor biedt. Dat is niet standaard. Sommige verzekeringen hebben een clausule voor calamiteiten, terrorisme of onvoorziene gebeurtenissen op de bestemming. Andere niet.

Reisadvies Ministerie van belang
Het reisadvies van het Ministerie van Buitenlandse Zaken speelt hierin vaak een grote rol. Veel verzekeraars koppelen hun dekking aan die kleurcodes. Verandert een gebied van geel naar oranje of rood nadat jij je verzekering hebt afgesloten, dan kan dat bij sommige polissen een geldige reden zijn om te annuleren met vergoeding. Maar dat geldt zeker niet voor elke verzekering.

Wat als de situatie verslechtert tijdens je reis?
Ben je al op je bestemming en ontstaat daar politieke onrust, dan komt het aan op je reisverzekering. Een standaardpolis vergoedt meestal medische kosten en bagage schade, maar geen extra verblijf of een vervroegde terugreis vanwege onrust. Alleen uitgebreidere verzekeringen bieden soms calamiteitendekking of hulp bij evacuatie. Dat soort extra’s is vooral bedoeld voor reizen naar risicogebieden en zit niet standaard in een basisverzekering.

Wat kun je als reiziger zelf doen?
Vooral als je naar een gebied reist waar de situatie kan veranderen, is het verstandig om vooraf goed naar de voorwaarden te kijken. Let daarbij specifiek op termen als “politieke onrust”, “terrorisme”, “oorlog” en “negatief reisadvies”. De ene verzekeraar gaat daar veel ruimer mee om dan de andere.

Daarnaast is het slim om je annuleringsverzekering zo snel mogelijk na het boeken af te sluiten. Veel polissen eisen dat dit binnen een bepaalde termijn gebeurt. Alleen dan geldt dat latere, echt onvoorziene gebeurtenissen mogelijk onder de dekking vallen. Tot slot, houd het reisadvies in de gaten. Dat bepaalt niet alleen of je verzekering mogelijk uitkeert, maar vaak ook of je reisorganisatie je kosteloos laat annuleren.

Schade door politieke onrust is geen vanzelfsprekende reden voor een uitkering. Meestal krijg je alleen vergoeding als de situatie aantoonbaar verslechtert nadat je je verzekering hebt afgesloten én jouw polis dit soort gebeurtenissen meeneemt. Zonder die specifieke dekking draai je vaak zelf op voor de kosten.

Hypotheekrente gestegen. Zet deze trend door in de komende tijd?

De hypotheekrente is de laatste maanden gestegen. Vooral bij leningen waarbij je de rente langer vastzet, zie je dat goed terug. In het najaar stonden veel hypotheekrentes nog wat lager, maar richting het einde van het jaar verhoogden verschillende geldverstrekkers hun rentes stap voor stap. Hoe komt dit en wat kunnen we in de komende maanden verwachten?

Waarom ging de rente omhoog?
De hypotheekrente hangt sterk samen met de rente op grote, lang­lopende leningen die landen en banken onderling afsluiten. Die rente liep de afgelopen maanden op. Banken betalen daardoor meer voor hun geld, en rekenen dat door in de hypotheekrente.

Daar komt bij dat beleggers en financiële partijen vooruit kijken. Wanneer zij denken dat de rente langere tijd niet verder zal dalen, vragen zij een iets hogere vergoeding voor geld dat zij voor een langere periode uitlenen. Dat stuwt de rente voor hypotheken op, los van grote besluiten door bijvoorbeeld de Europese Centrale Bank. Niet één grote gebeurtenis zorgde dus voor de stijging, maar vooral een combinatie van hogere financieringskosten en een voorzichtige houding op de financiële markten.

Laagste actuele hypotheekrente
In augustus kon je nog een hypotheek afsluiten tegen een hypotheekrente van 3,42%. Op dit moment staat er 3.60% op de borden. Op een hypotheek van € 475.000 betaal je hierdoor grofweg € 71 per maand meer aan rente.

Laagste actuele hypotheekrentes
Periode   Hypotheekrente
Variabel   3.25%
1 jaar       3.05%
10 jaar     3.60%
20 jaar     3.94%
30 jaar     4.01%

Verwachting hypotheekrente
Kijk je naar de huidige economische ontwikkelingen, dan is de meest waarschijnlijke richting voor de hypotheekrente de komende periode een lichte stijging. Dat komt vooral doordat de rente op de financiële markten de laatste tijd wat hoger ligt en er wereldwijd nog onzekerheid is over inflatie en energieprijzen.

Centrale banken blijven daarom voorzichtig bij het vaststellen van hun beleidsrente. Zolang geld lenen voor banken zelf duurder blijft, vertaalt zich dat vaak in stabiele tot stijgende hypotheekrentes, vooral bij de langere rentevaste periodes. Een kanttekening is dat zaken snel kunnen veranderen. Stel de olieprijs stijgt explosief door onrust in de wereld. In dat geval kan de inflatie sterk stijgen, wat mogelijk reden is voor centrale banken om de rente te verlagen. Dit is slechts één voorbeeld van zaken die ook invloed kunnen hebben op de hypotheekrente.

Wat kan jij hiermee?
Bij het afsluiten van een hypotheek kun je minder lenen als de hypotheekrente is gestegen. Dit effect kan gecompenseerd worden als je salaris ook omhoog is gegaan. Ook voor mensen die hun hypotheek willen oversluiten, wordt het voordeel kleiner als de rente stijgt.

Denk je aan een nieuwe hypotheek of oversluiten, dan is het slim om niet alleen naar de laagste rente van dat moment te kijken, maar ook naar rust en zekerheid op langere termijn. Voor sommige mensen voelt een langere rentevaste periode prettig, ook als de rente in die situatie iets hoger is. Anderen kiezen liever een kortere rentevaste periode met een doorgaans lagere hypotheekrente. Het combineren van kort en lang vast is ook mogelijk. Wat past, hangt af van je plannen, inkomen en risicobereidheid.

Nieuw rentevoorstel ontvangen? Kijk ook eens verder

Steeds meer huiseigenaren maken zich zorgen over hun vaste woonlasten. Uit recent onderzoek blijkt dat bijna de helft verwacht de komende tijd moeite te hebben met het betalen van de hypotheek. Maar wat betekent het eigenlijk wanneer je rentevaste periode binnenkort eindigt? En welke keuzes heb je dan?

Wat gebeurt er na het einde van je rentevaste periode?
Bij het afsluiten van een hypotheek leg je de rente voor een bepaalde tijd vast, bijvoorbeeld tien jaar. In die periode verandert je rente niet, ongeacht hoe de markt zich ontwikkelt. Zodra deze periode afloopt, ontvang je van je geldverstrekker een nieuw rentevoorstel op basis van de dan geldende tarieven. Daardoor kunnen je maandlasten hoger of lager uitvallen.

Bij je huidige geldverstrekker blijven
Je kunt ervoor kiezen om gewoon bij je huidige aanbieder te blijven. Meestal krijg je meerdere opties voor nieuwe rentevaste periodes. Een kortere periode is vaak voordeliger, maar biedt minder zekerheid. Een langere periode geeft juist rust en stabiliteit, al ligt de rente dan meestal iets hoger.

Overstappen naar een andere aanbieder
Je kunt ook kijken of een andere geldverstrekker lagere rentes biedt. Dat kan financieel aantrekkelijk zijn, al moet je wel rekening houden met kosten voor onder meer advies en de notaris. De besparing moet dus groter zijn dan de overstapkosten. Omdat je rentetermijn afloopt, heb je niet te maken met kosten voor het overstappen zelf.

Extra aflossen met spaargeld
Het moment waarop je rentevaste periode eindigt, kan een goed moment zijn om een deel van je spaargeld te gebruiken voor een extra aflossing. Dat verlaagt je schuld én je maandlasten, maar het moet natuurlijk wel passen bij je financiële situatie.

Kiezen voor een andere hypotheekvorm
De hypotheekmarkt is de afgelopen tien jaar veranderd en er zijn nieuwe vormen bijgekomen. Misschien sluit een andere hypotheekvorm inmiddels beter aan bij je levensfase of toekomstplannen. Houd er wel rekening mee dat een overstap extra kosten met zich mee kan brengen.

Overstappen vóór het einde van de rentevaste periode
Wil je eerder overstappen? Dat kan, maar meestal betaal je dan een boeterente aan je huidige geldverstrekker. Wij rekenen graag voor je uit of oversluiten - ondanks die boete - toch voordelig kan zijn.

Als je rentevaste periode afloopt, draait het uiteindelijk om jouw persoonlijke situatie en toekomstwensen.

Blijven wonen én geld vrijmaken? Mogelijk met de verzilverhypotheek

Veel mensen die richting hun pensioen gaan, hebben een groot deel van hun vermogen in hun woning zitten. De hypotheek is (bijna) afgelost en de waarde van het huis is in de loop der jaren flink gestegen. Toch is dat geld niet direct beschikbaar. Met een zogenoemde verzilverhypotheek kun je een deel van die overwaarde gebruiken, zonder dat je hoeft te verhuizen. Lees hoe dit werkt en waarom het juist nu interessant kan zijn.

Overwaarde als pensioenpotje
Veel huiseigenaren van boven de zestig hebben hun hypotheek grotendeels afgelost. Met de gestegen woningwaarden betekent dat een flink vermogen dat vastzit in stenen. Tegelijkertijd merken veel mensen dat hun inkomen na pensionering fors terugloopt, terwijl de vaste lasten juist stijgen.

Een verzilverhypotheek, ook wel opeethypotheek genoemd, biedt dan uitkomst. Daarmee leen je geld op basis van de overwaarde in je woning. De bank stort dat bedrag maandelijks of in één keer, afhankelijk van de gekozen vorm. Je blijft gewoon in je huis wonen, terwijl je extra financiële ruimte creëert voor bijvoorbeeld dagelijkse uitgaven of een verbouwing. De rente en aflossing worden niet maandelijks betaald, maar opgeteld bij de schuld. Pas bij verkoop of overlijden wordt de lening afgelost uit de verkoopopbrengst van de woning.

Waarom juist nú interessant?
Begin 2025 liepen de hypotheekrentes nog stevig op, maar sinds de zomer is het beeld rustiger geworden. De meeste banken hanteren inmiddels stabiele tarieven, met hier en daar een kleine daling. Voor een rente van tien jaar vast met NHG betaal je bij veel aanbieders iets onder de 4%.

Tegelijkertijd blijft de spaarrente laag, vaak niet eens 2% per jaar. In combinatie met de stijgende huizenprijzen - volgens het CBS ruim 7% hoger dan een jaar eerder - groeit de overwaarde verder. Dat betekent dat huiseigenaren nu meer kunnen opnemen dan in voorgaande jaren, terwijl ze die waarde niet onbenut hoeven te laten.

Meerdere aanbieders hebben inmiddels een verzilverproduct, vaak met minimumleeftijden rond de AOW-leeftijd tot circa 60 à 62 jaar. De voorwaarden verschillen per bank. De ene richt zich op klanten met een bestaande hypotheek bij dezelfde aanbieder, terwijl anderen ook nieuwe klanten accepteren. Daarmee is de verzilverhypotheek niet langer alleen een nicheproduct voor 70-plussers, maar steeds vaker een optie voor mensen die hun pensioen willen aanvullen of hun woning levensloopbestendig willen maken.

Hoe werkt het precies?
De werking is simpel. De bank beoordeelt de woningwaarde, kijkt of er nog een kleine hypotheek openstaat en bepaalt op basis van je leeftijd hoeveel van de overwaarde kan worden opgenomen. Hoe ouder je bent, hoe hoger dat percentage – omdat de looptijd korter is. Het vrijgekomen geld kun je naar wens gebruiken. Je betaalt geen maandlasten; de rente wordt bijgeschreven bij de schuld. Daardoor blijft je besteedbaar inkomen gelijk, maar loopt de schuld in de loop van de jaren wel op.

Wat betekent het voor erfgenamen?
Bij overlijden of verkoop van de woning wordt de opeethypotheek afgelost uit de verkoopopbrengst. Wat daarna overblijft, gaat naar de erfgenamen. De meeste aanbieders bieden een zogenoemde no-negative equity-garantie, waardoor erfgenamen nooit bij hoeven te betalen als de schuld hoger blijkt dan de woningwaarde. Wel is het verstandig om dit vooraf met familie te bespreken. De overwaarde die anders naar de erfgenamen zou gaan, wordt immers deels gebruikt om de lening af te lossen.

Verschillen tussen aanbieders
Niet alle verzilverhypotheken zijn hetzelfde. Sommige banken keren het bedrag maandelijks uit als een vast inkomen, anderen werken met een kredietlimiet waaruit je zelf kunt opnemen. Ook de rentepercentages, minimale leeftijd en maximale opname verschillen per aanbieder. Omdat de bank meer risico loopt - je betaalt immers geen rente of aflossing tijdens de looptijd - ligt de rente vaak iets hoger dan bij een gewone hypotheek. Maar dat merk je in de praktijk niet in je maandlasten.

Een opeethypotheek kan een mooie manier zijn om de overwaarde in te zetten voor extra financiële vrijheid. Wel blijft het belangrijk om goed te berekenen wat het betekent op de lange termijn. De schuld groeit elk jaar door de rente-op-rente, waardoor er uiteindelijk minder overwaarde overblijft. Voor meer informatie? Vraag ons om advies! 

Bieden zonder voorbehoud, maar mét zekerheid

Wie tegenwoordig een huis wil kopen, merkt dat de concurrentie nog steeds groot is. Woningen gaan snel van de hand en verkopers geven de voorkeur aan biedingen zonder voorbehoud van financiering. Dat maakt een bod aantrekkelijker, maar ook riskanter. Want als de hypotheek niet rond komt, kan je als koper alsnog verplicht worden om de woning af te nemen of een forse boete te betalen. Vaak zo’n tien procent van de koopprijs.

Om dat risico te beperken, bestaan er inmiddels verschillende verzekerings- en garantiestellingen waarmee je wél zonder voorbehoud kunt bieden, maar met een vangnet als het misgaat. Zo kun je meedoen aan de biedingsstrijd met meer zekerheid, zonder jezelf financieel in de problemen te brengen.

Hoe werkt bieden met zekerheid?
De kern van deze constructies is dat je vooraf laat toetsen wat je maximaal verantwoord kunt lenen. Op basis daarvan krijg je een verklaring of certificaat waarmee je weet tot welk bedrag je veilig kunt bieden. Blijkt na aankoop dat de hypotheek toch niet wordt verstrekt, dan wordt de overeengekomen boete of waarborgsom (meestal die tien procent van de koopprijs) betaald via de garantiestelling of verzekering.

Sommige aanbieders - zoals BNP Paribas Cardif en Nationale Waarborg - bieden deze zekerheid via een aparte garantiestelling. In andere gevallen verloopt het via een tussenpersoon, hypotheekadviseur of verzekeraar die een soortgelijke dekking aanbiedt. Het principe blijft gelijk: je kunt zonder voorbehoud bieden, terwijl de financiële gevolgen van een eventuele onverwachte afwijzing worden opgevangen.

Meer rust in een hectische markt
Het biedproces is voor veel kopers spannend en de tijdsdruk is groot. Met een garantiestelling of verzekerde biedconstructie weet je vooraf waar je financieel aan toe bent. Dat geeft rust en vertrouwen.

Ook verkopers hebben er baat bij. Een bod zonder financieringsvoorbehoud geeft meer zekerheid dat de verkoop daadwerkelijk doorgaat. Dat maakt het verkoopproces soepeler en verkort vaak de doorlooptijd.

Wat zijn de voorwaarden?
Hoewel de details per aanbieder verschillen, gelden er een paar basisregels. De garantiestelling is alleen geldig als je binnen het vooraf vastgestelde maximale biedbedrag blijft. Ook moet je je hypotheek binnen de gestelde termijn aanvragen bij een erkende geldverstrekker. Wordt de aanvraag ondanks alles afgewezen, dan keert de garantiestelling de schadevergoeding uit die normaal voor jouw rekening zou komen.

Aan de garantie zijn doorgaans kosten verbonden. Je betaalt meestal een premie of vergoeding voor de zekerheid die wordt geboden. Hoe hoog die is, hangt af van het aankoopbedrag, het risicoprofiel en de voorwaarden van de aanbieder.

Verschillende aanbieders en vormen
Er zijn meerdere partijen actief met dit soort zekerheden. Sommige verzekeraars bieden een volledige garantiestelling die de boete bij hypotheekafwijzing afdekt. Andere partijen, zoals Nationale Waarborg, richten zich meer op de bankgarantie. Zij staan garant voor de waarborgsom die normaal uit eigen middelen betaald moet worden. Daarnaast zijn er tussenoplossingen waarbij kopers een biedcertificaat krijgen, ofwel een verklaring dat hun financiële situatie al is beoordeeld. Dit maakt het bod geloofwaardiger, al biedt dat niet altijd een financiële dekking bij afwijzing.

Welke variant het beste past, hangt af van je situatie, de hoogte van je bod en de bereidheid van je hypotheekverstrekker om met deze garanties te werken.

Vanaf november meer leenruimte voor verbouwing, auto of ander doel

Vanaf 17 november 2025 krijgen Nederlanders gemiddeld iets meer ruimte om geld te lenen voor grote aankopen, zoals een auto of verduurzamingsmaatregelen in huis. Dat heeft de Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN) bekendgemaakt bij de publicatie van de nieuwe normen voor verantwoorde kredietverstrekking. De verruimde leenruimte heeft vooral te maken met gestegen prijzen en hogere inkomens.

Wat zijn leennormen?
De basis voor de leennormen wordt elk jaar berekend door het Nibud. De instantie bepaalt wat huishoudens minimaal kwijt zijn aan levensonderhoud, zoals wonen, boodschappen en vaste lasten. Wat daarna overblijft, bepaalt hoeveel iemand verantwoord kan besteden aan rente en aflossing van een lening. Deze methode zorgt ervoor dat consumenten, ook wanneer ze lenen, voldoende geld overhouden om de dagelijkse uitgaven te blijven betalen.

Uit de nieuwste cijfers blijkt dat de uitgaven van huishoudens het afgelopen jaar met 3,2% zijn gestegen. Tegelijkertijd nam het gemiddelde netto besteedbare inkomen met 4,4% toe. Dat betekent dat er gemiddeld iets meer ruimte ontstaat om te lenen. Vooral alleenstaanden en huurders profiteren hiervan. Voor alleenstaande ouders die huren is de verbetering het grootst, gevolgd door alleenstaanden zonder kinderen. Stellen zonder kinderen zien een lichte verruiming. Gezinnen met kinderen krijgen beperkt extra leenruimte.

Extra aandacht voor verduurzaming
De nieuwe normen houden ook rekening met veranderingen op de energiemarkt. Naast de hybride warmtepomp wordt nu ook de volledig elektrische warmtepomp gezien als rendabele verduurzamingsmaatregel. Hierdoor kunnen huishoudens meer lenen om hun woning te verduurzamen.

Opvallend is dat zonnepanelen juist van de lijst zijn geschrapt. Door de afbouw van de salderingsregeling vanaf 2027 wordt de terugverdientijd een stuk langer, waardoor extra leenruimte voor zonnepanelen niet langer verantwoord wordt geacht.

‘Verantwoord lenen blijft belangrijk’
Volgens VFN-beleidsmedewerker Earvin van Ginkel is het positief dat veel huishoudens er financieel op vooruitgaan. Tegelijkertijd benadrukt hij dat de extra ruimte niet automatisch betekent dat mensen ook méér zouden moeten lenen. “Verantwoord lenen blijft belangrijk,” aldus Van Ginkel.

Buy Now, Pay Later onder toezicht
Een ander belangrijk punt is dat de leennormen nu nog alleen gelden voor traditionele vormen van consumptief krediet, zoals een persoonlijke lening of doorlopend krediet. Maar dat gaat veranderen. Vanaf eind 2026 vallen ook andere vormen van krediet onder de regels, waaronder de populaire Buy Now, Pay Later-diensten.

Deze uitbreiding vloeit voort uit de nieuwe Europese richtlijn consumentenkrediet (CCD2). Het doel is om met name jongere consumenten beter te beschermen tegen problematische schulden, doordat zij straks bij alle vormen van krediet te maken krijgen met dezelfde strenge regels voor verantwoorde kredietverstrekking.

Politieke plannen afschaffing hypotheekrenteaftrek, verdwijnt de regeling?

De hypotheekrenteaftrek was ooit een vast gegeven waar geen serieuze politicus zich aan wilde branden. Die tijden liggen definitief achter ons. Dat de hypotheekrente in de afgelopen jaren al is afgebouwd, vindt GroenLinks-PvdA niet genoeg. De partij pleit in haar partijprogramma voor het volledig afbouwen van de fiscale regeling voor huiseigenaren. Het CDA sluit zich hierbij aan. Is de aftrek hiermee vogelvrij verklaard?

De hypotheekrenteaftrek wordt al jaren stap voor stap afgebouwd. Tot 2020 konden huiseigenaren hun rente nog tegen het hoogste belastingtarief aftrekken, maar sindsdien is dat versneld afgebouwd. Sinds 2023 geldt dat je de rente alleen nog mag aftrekken tegen het laagste tarief in box1, dat in 2025 uitkomt op 37,48%. Daarmee is de fiscale aftrek dus minder waard geworden, vooral voor hogere inkomens. Ook geldt dat alleen hypotheken die annuïtair of lineair in maximaal 30 jaar worden afgelost, recht geven op deze aftrek.

Wie overigens vóór 1 januari 2013 een hypotheek afsloot, kan onder het overgangsrecht blijven genieten van aftrek, óók als het om aflossingsvrije hypotheken gaat. Voor nieuwe hypotheken na die datum geldt: alleen bij annuïtaire of lineaire aflossing binnen 30 jaar behoud je aftrek. Daarnaast vervalt binnenkort voor sommige hypotheken (zoals die vóór 2001) het recht op aftrek vanwege de maximale grens van 30 jaar.

Waarom wil GroenLinks–PvdA de aftrek helemaal afschaffen?
In het recente verkiezingsprogramma van GroenLinks–PvdA pleit de partij voor volledige afschaffing van de hypotheekrenteaftrek. Partijleider Frans Timmermans noemde dat afschaffing over 8 tot 12 jaar mogelijk is, met als doel dat huizenprijzen dalen. Een effect dat alle experts zullen bevestigen, zo stelt hij. Ook het CDA schaart zich onder de voorstanders van het stapsgewijs afbouwen van de aftrek.

GroenLinks–PvdA is van mening dat de aftrek vooral terechtkomt bij mensen met een “dikke beurs”, oftewel woningeigenaren die naast het opdrijven van de huizenprijzen ook het belastingvoordeel kado krijgen. De partij noemt het onlogisch dat deze subsidie richting huizenbezitters gaat, terwijl huurders er niets aan hebben. In plaats daarvan is het plan om de opbrengst te investeren in betaalbare woningbouw. Het liefst op grote schaal, met extra inzet tegen vervuiling en meer ruimte voor het aanbieden van huizen via woningcorporaties.

Kritiek & tegenargumenten
Niet iedereen is enthousiast over dit plan. Critici stellen onder andere:

Streep door de hypotheekrenteaftrek?
In het huidige politieke landschap lijkt het volledig afschaffen van de hypotheekrenteaftrek op korte termijn niet waarschijnlijk. Toch is het onderwerp daarmee nog niet van tafel. Instanties als De Nederlandsche Bank, de OESO en het Internationaal Monetair Fonds laten zich al langer kritisch uit over de hypotheekrenteaftrek, met als belangrijkste redenen dat deze bijdraagt aan een stijging van de woningprijzen en zorgt voor tweedeling op de woningmarkt. Nu het ook weer op de politieke agenda staat, is het laatste woord over het afschaffen van de aftrek dan ook nog niet gesproken

Recordaantal hypotheekaanvragen en hogere woningwaardes

De hypotheekmarkt heeft in juli 2025 een nieuw record neergezet. In totaal werden er 53.350 hypotheekaanvragen gedaan. Dit is het hoogste aantal ooit gemeten in een juli-maand. Opvallend is dat vooral de groep opstromers dit keer sterk vertegenwoordigd was. Zij deden zelfs meer aanvragen dan de groep Verbouwers, die de afgelopen jaren structureel de grootste was. 

Daarnaast steeg de gemiddelde marktwaarde van koopwoningen naar een nieuw recordbedrag van € 517.871. Dat blijkt uit cijfers van HDN (Hypotheken Data Netwerk), de organisatie die vrijwel alle hypotheekaanvragen in Nederland registreert.

Sterke groei hypotheekaanvragen
In vergelijking met juli 2024 steeg het aantal hypotheekaanvragen met 19%. Net als in eerdere jaren was het merendeel van de aanvragen - 65% ofwel 34.685 aanvragen - bedoeld voor de aankoop van een woning. Dat zijn er 16% meer dan in dezelfde maand vorig jaar. De overige 35% (18.665 aanvragen) had betrekking op het oversluiten of verhogen van een bestaande hypotheek. Ook deze groep liet een forse groei zien van 24%.

Opvallend is dat het aantal aanvragen in juli bijna gelijk was aan maart 2025, toen er 53.391 hypotheken werden aangevraagd. Daarmee is juli een uitzonderlijk drukke maand, zeker gezien de zomervakantieperiode. Sinds het eerste kwartaal van 2022 zijn er niet zoveel aanvragen in één maand gedaan. Wel verschuift de samenstelling. Waar het in 2022 vooral om oversluitingen ging, draait het nu juist om aankopen.

Opstromers nemen het voortouw
In maart 2025 bereikte de groep Verbouwers met 10.284 aanvragen een record, maar sindsdien is hun aandeel afgenomen. In juni en juli stabiliseerde dit rond de 7.500 aanvragen. Dat is nog altijd 12% meer dan in juli 2024, maar het marktaandeel van deze groep daalde. Voor het eerst sinds augustus 2022 deden Opstromers meer hypotheekaanvragen dan Verbouwers. Hun aandeel nam met 20% toe ten opzichte van een jaar geleden. Opstromers zijn mensen die de ene woning verkopen en verhuizen naar een duurdere woning.

Vooral mensen tussen de 30 en 40 jaar grepen hun kans om een volgende stap op de woningmarkt te zetten. Die stijging is mogelijk te verklaren door een combinatie van verschillende zaken. Denk aan winst bij verkoop van de huidige woning, een ruimer woningaanbod, stijgende lonen en een relatief stabiele rente.

Gemiddelde woningwaarde stijgt naar € 517.871
Ook de woningprijzen laten een stijgende lijn zien. De gemiddelde marktwaarde van koopwoningen kwam in juli uit op € 517.871, een stijging van 4% ten opzichte van juli 2024. Dat is de hoogste gemiddelde marktwaarde ooit gemeten. Het gemiddelde hypotheekbedrag bij aankoop lag op € 380.460, eveneens een toename van 4% op jaarbasis.

Kijken we naar het verschil tussen bestaande bouw en nieuwbouw, dan valt op dat de marktwaarde van bestaande woningen sinds april 2023 geleidelijk stijgt. De prijzen van nieuwbouwwoningen laten daarentegen een grilliger beeld zien. In 2024 was er sprake van forse schommelingen en in het eerste halfjaar van 2025 zette een daling in. In juli 2025 was er voor het eerst sinds januari weer een lichte stijging zichtbaar, al liggen de prijzen nog altijd 4% lager dan in juli vorig jaar.

Ouders sparen steeds vroeger voor eigen woning kinderen

Een spaarpotje voor later is allang niet meer iets wat pas begint bij de eerste tand of eerste schooldag. Uit het nieuwste ING Spaaronderzoek Kinderen blijkt dat ouders steeds bewuster én vroeger beginnen met sparen voor hun kind. Soms zelfs al tijdens de zwangerschap. Het later kunnen kopen van een eigen woning is belangrijker geworden voor sparende ouders.

Sparen begint soms al voor de geboorte
Waar vroeger vaak pas rond de basisschoolleeftijd een spaarrekening werd geopend, zetten veel ouders nu al geld opzij voordat hun kind geboren is. Vooral ouders van jonge kinderen (0-7 jaar) zijn hier opvallend vroeg mee. De meeste ouders openen direct na de geboorte een rekening op naam van het kind. En het zijn niet alleen ouders die sparen. Ook opa’s en oma’s doen mee. Één op de drie grootouders spaart mee voor het kleinkind.

Woningmarkt belangrijker als spaardoel
Wat vooral opvalt in het onderzoek, is de groeiende aandacht voor de woningmarkt als spaardoel. Ouders van jonge kinderen zijn zich bewust van hoe lastig het is geworden om een huis te kopen. Iets wat ze vaak uit eigen ervaring weten. Bijna 30% van de ouders met kinderen tussen 0 en 3 jaar spaart al specifiek voor een toekomstige woning van hun kind. Dat percentage ligt fors hoger dan bij ouders van oudere kinderen, die minder ervaring hebben met een overspannen woningmarkt.

Niet iedereen kán sparen
Toch is er ook een andere kant. Zo’n 15% van de ouders spaart niet of is gestopt met sparen. De redenen zijn uiteenlopend, maar meestal draait het om geldtekort of andere financiële verplichtingen. Sommigen vinden sparen simpelweg niet nodig, omdat ze hun kind liever zelf financiële verantwoordelijkheid willen bijbrengen. Sparen voor kinderen is dus lang niet voor iedereen haalbaar, waardoor een verdere tweedeling op de loer ligt.

Nieuwe generatie met nieuw spaargedrag
Ten opzichte van vorige generaties is het spaargedrag flink veranderd. Waar vroeger 57% van de ouders spaarde, is dat nu dus 85%. Ook de doelen zijn veranderd. Studiekosten (54%), een goede financiële start (55%) en een bijdrage aan een woning (22%) zijn nu de populairste motieven. Een generatie geleden waren die percentages flink lager. Daarnaast sparen ouders tegenwoordig vaak langer door. Minder ouders stoppen automatisch zodra het kind 18 wordt.

Ook de economische omstandigheden hebben invloed. Bijna de helft van de ouders spaart inmiddels een hoger bedrag dan toen ze begonnen, vooral door de inflatie en stijgende kosten van levensonderhoud.

Beleggen: interessant, maar spannend
Een derde van de ouders kijkt verder dan sparen en kiest ervoor om te beleggen voor hun kind. Dit wordt vooral gedaan met het oog op meer rendement op de lange termijn. Toch vinden veel ouders dit spannend. Gebrek aan kennis en het risico op verlies na dalende koersen houden hen tegen. Daarnaast beïnvloeden spanningen in de wereldpolitiek en schommelende beurzen het vertrouwen in beleggen.

Kinderen zelf ook vroeger met geld bezig
Opvallend is ook hoe actief kinderen zelf bezig zijn met geld. Bijna de helft spaart zelf, meestal met zakgeld of een spaarpot. Ouders stimuleren dit ook actief – en dat loont. Kinderen sparen vooral voor speelgoed, telefoons of games. En vanaf een jaar of acht kijkt één op de vijf zelfs al naar crypto. Het laat zien dat geld en sparen steeds eerder op de radar komen, ook bij kinderen zelf.

Ben jij bezig met het opbouwen van een buffer voor je kinderen en wil je eens van gedachten wisselen? Laat het ons weten. Misschien kan je wel besparen op je hypotheeklasten en daarmee financiële ruimte vrijmaken. We denken graag met je mee.